Preek van de week Elke week een nieuwe preek
    
  Kerstmis 2008 afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Jesaja 52,7-10
Johannes 1,1-18

Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 

Het woord dat doet leven
 

Het zal niemand zijn ontgaan dat de opening van het Johannesevangelie doet denken aan het begin van de bijbel: het scheppingsverhaal. In het begin schiep God hemel en aarde. De aarde was woest en leeg. Daarin komt orde door het woord dat God laat klinken. In het begin was het woord. En het eerste woord dat hij spreekt, luidt: er weze licht. En er is licht. Als God spreekt, komt er perspectief, uitzicht, toekomst.

In vergelijkbare woorden opent de evangelist zijn verhaal over Jezus. "In het begin was het woord, en het woord was bij God, en het woord was God." Het klinkt heel plechtig. Lang niet zo gevoelig als het verhaal van de hoogzwangere Maria en Jozef, met de overvolle herbergen, het kribbetje met stro, de os en de ezel en alle andere attributen die er later zijn bij gekomen. Bij Johannes is geen plaats voor romantiek. Veeleer: "In het begin was het woord".

Zo hebben mensen Jezus ervaren: iemand met een woord dat licht en perspectief brengt in hun leven. Het eerste woord dat hij tot mensen richt, luidt: jij, jij bent belangrijk; je mag er zijn. Niet om wat je gepresteerd hebt. Heel gewoon, om wie je bent. Jullie, herders bijvoorbeeld, ergens buiten in het veld. Is dat niet de hoop die ieder mens stilletjes koestert. Dat iemand mij zegt dat hij/zij mij belangrijk vindt. Dat ik iets mag betekenen voor een ander. Dat ik die vriend of vriendin mag zijn, die geliefde. Die vader of moeder. Dat ik die verantwoordelijkheid mag opnemen. Dat woord schept een nieuw begin. Maar ik weet ook: iemand moet het me vragen. Ik kan dat zelf niet regelen. Een ander moet dat woord spreken, die vraag stellen: wil je? Kom je? Wil je me volgen?

Dit zijn woorden die mijn zelfvertrouwen wekken. Want ik heb misschien niet zo een groot gedacht van mezelf. Maar op zo’n woord durf ik het aan. Jonge mensen die de liefde ontdekken voelen zich herboren worden door de bevestiging die ze van de ander ontvangen. Waarom wil je mij eigenlijk? Wat vind je toch zo aantrekkelijk in mij? Waarom verlang je naar mij? Vragen die niet te beantwoorden zijn. Maar telkens weer gebeurt het: dat mensen gevonden worden, gevraagd worden. Zo’n woord laat me herboren worden. Het tilt me boven mezelf uit.

En het wonderlijke is dat we daardoor op onze beurt in staat worden gesteld om een belofte uit te spreken. Dat we het wagen zélf een woord tot de ander te richten die hem/haar laat herboren worden. Geliefden spreken elkaar toe met de woorden die in de Bijbel de naam van God vertolken: Ik zal er zijn. Wat er ook gebeurt. Op die manier maken ze iets goddelijks zichtbaar en tastbaar onder ons. En wanneer ze een kindje krijgen, spreken ze zich uit als vader en moeder. Een belofte die geldt voor de rest van hun leven. Hun hele hebben en houden wordt er voortaan door bepaald: 'ik wil voor jou een lieve moeder en een goede vader zijn.' Daar willen ze niet meer van af. Woorden die toekomst scheppen. En die daardoor ook het heden veranderen.

Wie een belofte ontvangt, kan met meer vertrouwen naar de toekomst kijken. Daardoor voelt hij ook steviger grond onder de voeten, hier en nu. Mensen durven meer aan en slaan hun vleugels uit. Het heden verandert erdoor. Maar ook wie een belofte uitspreekt geeft meer richting aan zijn leven. Je baant jezelf een weg, je verankert jezelf. Door een belofte te doen investeer je in het leven, je raakt er dieper bij betrokken. Woorden veranderen ons leven.

We weten ook dat we daarmee de wereld niet veranderen. Het meeste wat zich op het grote vlak voordoet ontsnapt aan onze greep. Maar dat is niet het geval voor wat voor u en mij van vitaal belang is. Wij leven van woorden. En de woorden die een ander tot mij spreekt zijn het huis waarin ik woon. Daar hoop ik me veilig en geborgen te voelen. Gedragen door een liefdevolle aanwezigheid.

De aanwezigheid bij een ziekbed, de stille maar veelzeggende presentie. Die woordeloze maar sprekende nabijheid: 'ik blijf bij je als het moeilijk wordt.' Even wordt lijden draaglijk. De lijfelijke aanwezigheid als een woord van genegenheid. Een beetje licht, wat opluchting.
De bemoedigende presentie voor mensen die in de war zijn, zoekend naar enig houvast. Juist hier is elk woord van waardering onbetaalbaar, want dat brengt misschien een beetje licht in de duisternis.

De evangelist Johannes brengt ons het verhaal over Jezus. Hij noemt hem het woord van God. Het woord dat licht brengt in de duisternis. Hij is de belichaming van Gods belofte: Ik zal er zijn. Daardoor hebben we steviger grond onder onze voeten, hier en nu. Want nu kunnen we met meer vertrouwen naar de toekomst gaan. Dat hebben zoveel mensen bij Jezus meegemaakt. Voor hen geldt: in het begin was het woord. En dat woord was licht in hun duisternis.

Elk woord is kwetsbaar. Elke belofte broos. Wij vieren Kerstmis in het vertrouwen dat Gods woord licht kan brengen in ons leven. Dat zijn woord ons mag inspireren tot trouw aan elkaar, trouw aan de toekomst die met Jezus begonnen is.

Ignace D'hert o.p.

 
  Prekenlijst