Het kan toch niet gaan om een raadsel ter illustratie
van de beperktheid van ons menselijk verstand. Om nog maar eens te
onderstrepen dat God een verheven mysterie is waar we nooit bij kunnen.
Als dat de voornaamste bedoeling is, dan is dat eigenlijk niet erg
fijngevoelig van onze kerkelijke overheden. Want zij zijn toch
verantwoordelijk voor deze formulering. Als gelovigen willen we ons graag
toevertrouwen aan de God van de bijbel. Maar nergens in de bijbel wordt
gesproken over drie-eenheid. Er zijn wel tal van beelden die verwijzen
naar God. En vandaag verwijlen we bij de drie beelden waarnaar het feest
van drie-eenheid verwijst.
Het gaat wellicht om manieren waarop we het diepe
geheim van het leven ervaren. Wijzen waarop wij het goddelijke kunnen
ervaren. En manieren waarop wij ons daar aan overgeven.
God als vader. Ik geloof dat wij mensen gedragen worden
door een God die als een vader zorg draagt voor zijn kinderen. Ons bestaan
is bedoeld. Het leven is ons gegund. Wij bestaan als geroepen. Ik geloof
en ik ervaar dat we toegesproken worden. Aangesproken. Dat we daardoor in
relatie staan. Aan die roepstem danken we onze vrijheid. Zoals een peuter
die de eerste stappen leert zetten zich aanvankelijk stevig aan de
tafelpoot vasthoudt, het op een gegeven moment moet wagen die tafelpoot
los te laten om zich toe te vertrouwen aan de roepstem van papa of mama
die het met open armen wil ontvangen. Zo worden we in het leven geroepen.
De vader kan alleen maar roepen, uitnodigen om los te laten en ons toe te
vertrouwen aan het leven. We leren het op eigen benen te staan, dank zij
die roepstem. En die stem blijft ons roepen. Nodigt uit verder op weg te
gaan. Onze eigen weg te gaan. God staat naar ons toegekeerd als een vader
naar zijn kind.
Iedereen weet dat de uitdrukking 'almachtige vader' –
want dat zeggen we in onze geloofsbelijdenis: ‘Ik geloof in God, de
almachtige vader’ - een innerlijke tegenspraak is. Als iémand zich
afhankelijk weet van zijn kind dan is het vader en moeder. Een kind kun je
niet dwingen, niet forceren. Je zou het breken. Een kind moet
gerespecteerd worden. Dat betekent juist niet dat het zomaar in alles moet
worden ingewilligd. Zeker niet. Een goede vader en moeder zullen alles in
het werk stellen opdat hun kind zou groeien in relatie: in betrokkenheid
op en openheid naar anderen. Ze proberen het zin voor verantwoordelijkheid
bij te brengen. Ze hopen uiteraard dat hun kind uitgroeit tot
waarachtigheid en authenticiteit. Zij kunnen dat echter niet zelf màken.
Natuurlijk zijn ze supporter, met vol enthousiasme, maar ze kunnen niet in
de plaats van hun kind treden. Zoiets ervaren ook wij in onze relatie tot
God.
Tweede beeld. Vader en kind vinden elkaar in Jezus van
Nazareth. Hij is mens naar het hart van de vader. In deze mens herkennen
we onze broeder. Met beide voeten geplant in onze geschiedenis. Zoon van
joodse ouders, maar gedragen door het profetisch visioen van opstanding
naar een nieuwe wereld van gerechtigheid en vrede, van liefde en toekomst,
van geborgenheid en barmhartigheid. Levend vanuit de ziel van het joodse
geloof dat hij met ongeëvenaarde kracht belichaamde. Niet terugwijkend
voor de priesterkaste van zijn dagen die het vaak op een akkoordje had
gegooid met de Romeinse bezetter om het arme volk onder de duim te houden.
Jezus die mensen terug brengt bij het oorspronkelijke woord waarmee zij in
het leven geroepen zijn: Wie ben je? Waar ligt je toekomst? Wie kan je
zijn voor je medemens? Jezus die weigert mensen te stenigen omdat ze
betrapt zijn in de patriarchale samenleving waar mannen het lot van
vrouwen beslechten. Jezus die trouw is in de liefde ook als zijn lichaam
gebroken wordt en hij sterft met een wanhoopskreet op de lippen. Jezus:
concrete belichaming van Gods zorg voor mensen. Maar op priesterlijk bevel
aangeklaagd als godslasteraar en als zodanig ook geëxecuteerd.
Het kruis was het laatste woord van Jezus’ volgehouden
trouw in de liefde. Maar het kruis is niet het allerlaatste woord. De
levenskracht die hem bezielde slaat vonken los bij zijn vrienden en
leerlingen. Ze hebben de diepe adem van het leven gevoeld die ook door
hun bestaan gaat blazen. Geest: het derde beeld. Niet zo’n gelukkige
vertaling van windkracht, levensgeest, dynamiek. Ze steken elkaar aan, die
leerlingen van Jezus. Ze voelen de kracht van het oorspronkelijke woord
waarmee ook zijzelf in het leven geroepen zijn. Wie ben je? Wil je mens
zijn? Broer of zuster van je medemens? Toevertrouwd aan het visioen van de
wereld als een gedeelde tafel. Brood en zorg voor iedereen. Vrijheid en
waardigheid voor allen. Dat ervaren wij tot op vandaag als de diepe adem
van het leven, de adem die ons draagt, ons vraagt, ons opent naar elkaar.
Dit alles is één en dezelfde werkelijkheid. God staat
niet buiten of boven ons. Hij roept ons in het bestaan als een vader die
ons de vrijheid schenkt om mens te worden. Dat leren we dank zij Jezus van
Nazareth wiens geest ons vandaag samenbrengt om vuur en licht te zijn in
deze wereld. Aangezogen door het visioen van de gedeelde tafel voor allen.
Ignace D'hert o.p.