Kritiek geven op bepaalde godsdienstige instellingen en overtuigingen was
en ligt nu nog altijd zeer gevoelig. Denk maar aan de polemiek rond de
lezing van paus Benedictus naar aanleiding van een citaat van de
veertiende-eeuwse Byzantijnse keizer, die beweerde dat de profeet Mohammed
niets dan kwaad en onmenselijks heeft gebracht door zijn bevel het geloof
met het zwaard te verspreiden. Denk ook maar aan de gewelddadige reacties
die volgden op de Deense spotprenten van de profeet Mohammed.
Verantwoorde kritiek moet kunnen. Kwetsend gedrag, agressie en geweld zijn
dikwijls niet te voorkomen, maar nooit goed te praten.
Meer en meer zijn wij op weg naar één wereldgemeenschap van mensen die op
elkaar zijn aangewezen. Zulke multiculturele en religieuze samenleving is
maar leefbaar als men resoluut kiest voor een samenleving waarin er
respect is voor elkaar. En er groeit respect als mensen verbonden leven
met elkaar. Zo niet, wordt het samenleven zeer kwetsbaar.‘Opdat ze één
mogen zijn’, klinkt het driemaal na elkaar in het evangelie van vandaag.
Het gaat in deze tekst dan wel niet direct over wereldvrede. De eenheid
die Jezus hier bedoelde is veel meer dan: 'zie maar dat je overeenkomt'.
De tekst komt uit de afscheidsrede van Jezus. Net voor hij zijn
lijdensweg aanving bad hij voor zijn leerlingen. Het is zo menselijk dat
je bij je heengaan denkt aan de mensen die je nauw aan het hart liggen en
die je moet achterlaten. Jezus bad voor hen. Hij bad om bemoediging. Dat
zij, wat er ook gebeuren mag, zich verbonden zouden weten met hem. Dat ze
de band met hem niet zouden loslaten, zoals hij de band met zijn Vader
niet losliet. Want in die verbondenheid schuilt de kracht om stand te
houden bij tegenstand.
Het is in die intieme relatiebeleving dat jij je één weet met elkaar,
en dat maakt je sterk. Net zoals mensen die echt van elkaar houden elkaar
kunnen dragen in lief en leed.
Het is voor gelovige mensen een spirituele krachtbron als zij het leven
kunnen ervaren als ingeweven in het mysterie van Gods liefde. God die met
je verbonden is, door dik en dun aan je zijde staat, niet om het leven in
jouw plaats te leiden maar om het te bezielen met die warme liefde die in
Jezus zichtbaar werd.
Zo ontdek je dat God ons het eerst heeft liefgehad, en ons uitnodigt dóór
te geven wat we van hem ontvangen hebben: liefdevolle betrokkenheid, en
delen met velen wat ons onverdiend geschonken werd.
De eerste leerlingen van Jezus zullen in hun concrete leven proberen te
doen wat Jezus heeft gedaan. Zelfs tot in zijn sterven toe. Dat is ook
duidelijk in het verhaal van Stefanus’ terechtstelling. Net als Jezus bad
hij voor degenen die hem ter dood brachten. Hij stierf buiten de
stadspoort, en zijn gebed herinnerde aan Jezus’ kruiswoord: Vader, vergeef
het hen wat ze weten niet wat ze doen. Zoals Jezus, d.i. niet als een
willoos slachtoffer, gaf Stefanus met een bewuste daad zijn leven uit
handen.
En in een visioen zag hij Gods heerlijkheid en de Mensenzoon aan Gods
rechterhand. Zo komt Stefanus naar voren als iemand, die ondanks de woede
en agressie om hem heen, daar boven staat en zijn kalmte bewaart.
Tussen Hemelvaart en Pinksteren ligt een noveen van dagen. Het zijn
vanouds dagen van gebed om Gods Geest:
Zend uw Geest
als een vlam van liefde en leven,
van licht,
van hoop en geloof,
die Alles in allen wil zijn.
Gerard Braet o.p.