| Preek van de week | ||
|
|
||
| 24 mei - zevende paaszondag |
|
|
Lezingen:
1 Johannes 4.11-16
Wenst u de preken
thuis in uw elektronische postbus
te ontvangen?
U kunt
reageren
|
|||||||||
|
Bidden Tussen Hemelvaart en Pinksteren ligt een noveen van
dagen. Het zijn vanouds dagen van gebed om de Geest van Pinksteren. Na
Hemelvaart keerden de apostelen terug naar Jeruzalem en ze zochten
bovenzaal op waarin ze het laatste avondmaal hadden gevierd. Eensgezind,
als een kleine huisgemeenschap, bleven ze in het gebed bij elkaar. Maria,
de moeder van Jezus, was er ook bij (zie Handelingen 1,12-14). Afscheid nemen is vaak een moment waarop mensen
verwoorden wat hen sterk bezighoudt. Het is allemaal zo menselijk wat dan
gebeurt. Het is vanzelfsprekend dat je bij je heengaan denkt aan de mensen
die je nauw aan het hart liggen en die je moet achterlaten. Het minste wat
op zo’n momenten gezegd wordt, laat onuitwisbare sporen na, omdat het hele
leven dat eraan voorafgaat erin weerkaatst wordt. Oog in oog met de dood
spreekt Jezus het diepste uit van wat hem persoonlijk beroert. En vanuit
een diepe geborgenheid met zijn Vader bidt hij voor zijn leerlingen dat
zij, wat er ook gebeuren mag, zich verbonden zouden weten met hem en met
elkaar. Als we met elkaar blijven liefhebben, zegt de eerste Johannesbrief,
blijven we verbonden met God en woont hij in ons. Mensen hoor je soms zeggen: "Vroeger had ik nog een
houvast in het geloof, kon ik nog troost vinden in het gebed. Nu is alles
weg."* Van onze tijd wordt gezegd dat hij gekenmerkt wordt door een gemis
aan levensvervulling. Dat is beangstigend. Veel mensen dolen en zijn
losgeslagen van hun ankers: het anker van het geloof, het anker van
geijkte waarden, van zinvol werk, van zinvolle communicatie. We zien
velerlei dreiging opdoemen zonder dat we ons in staat voelen die efficiënt
af te wenden. Ouderdom lijkt een doodlopende weg, een impasse zonder
overbrugging. Veel jongeren hebben helemaal geen anker meer en vallen ten
prooi aan twijfel, onzekerheid, gemis aan motivatie. Een tijd geleden kon
je het nog in de krant lezen: jongeren en kinderen die geen zin meer
hebben in het leven. Niet dat ik nu wil beweren dat bidden dat allemaal zal
oplossen. Verre van! Maar wat we wel willen onderstrepen is dat kunnen
‘leven in verbondenheid’ heel belangrijk is. Het is in verbondenheid dat
je je één weet met elkaar, en dat maakt je sterk. Net zoals mensen die
echt van elkaar houden elkaar kunnen dragen in lief en leed. Liefdevolle
betrokkenheid is een krachtbron die duidelijk aanwezig was bij Jezus. Al
zijn woorden en daden kwamen uit een diepere bron waarnaar hij telkens
terugkeerde en er zijn bestaan aan voedde. Dat was voor hem bidden:
herbronning van het leven. Bidden is een krachtbron als je het leven kunt ervaren
als geborgen in het mysterie van een God die liefde is. Een God die met
ons verbonden wil zijn, niet om het leven in onze plaats te leiden maar om
het te bezielen met die warme liefde die in Jezus zichtbaar werd. Jezus is
onze grote voor-bidder, beste mensen. Voordat hij grote beslissingen moet nemen, zien we hem
steeds in gebed. In beproeving bidt hij om zichzelf niet te verliezen. In
zijn beslissend lijden is het zijn allerbitterste ervaring losgeslagen te
worden van zijn Bron. En stervend keert hij terug tot de Bron: ‘Vader, in
uw handen beveel ik mijn leven.' Hij is uit de Vader en naar de Vader toe,
altijd. Bidden betekent deelnemen aan Jezus' bronbesef, je
geborgen weten in een eeuwige Liefde. Als het waar is dat we onze
identiteit steeds ontvangen en zonder dat niemand zijn, zal het vitale
contact met de Gever wezenlijk zijn. ’Bidden wat is dat anders Jos Snijders Tussen Hemelvaart en Pinksteren worden wij aangespoord
te volharden in het gebed. Net als Jezus’ leerlingen blijven bidden om de
Gods Geest. Het is de Geest die leven schenkt, die ons bezielt met de
overtuiging dat naast de drijfveren van macht, verdeeldheid en egoïsme,
een goddelijke dynamiek werkzaam is die ons doet leven in liefde en
verbondenheid met God en met elkaar. * Gerard Braet o.p., Knokke |
| |