Preek van de week Elke week een nieuwe preek
    
  1 februari - vierde zondag afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Deuteronomium 18,15-20
Marcus 1,21-28

Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 

Kwade machten overwinnen
 

Een vriend zei me dat je echt niet in de duivel moet geloven om duivels aan het werk te zien. Onlangs heb ik het nog meegemaakt op een familiefeest, vertelde hij, hoe mensen de sfeer kunnen bederven door elkaar de duivel aan te doen en er een duivels genoegen in scheppen elkaar te kleineren en in de grond te boren. 'Diaboliseren' noem ik dat. Het zou een zegen zijn als we in staat waren duivels uit te drijven, met of zonder wijwater.
Ik antwoordde hem dat Jezus de macht had om duivels uit te drijven. Het evangelie staat er vol van. En hij weer: ja, maar noem me nog eens zo iemand.

Marcus vertelt aan het begin van zijn evangelie hoe Jezus al bij zijn eerste publiek optreden een duivel heeft uitgedreven, in een synagoge nog wel. Wij zouden zeggen: in een kerk, en bij een kerkganger. Jezus had de gelovigen in de synagoge zo overtuigend toegesproken dat ze er geestdriftig van werden. Een nieuwe leer, anders dan die van de schriftgeleerden, en met welk een gezag! Maar één toehoorder kwam in verzet met luid protest. Die man was zichzelf niet. Zijn protest was de reactie van de boze geest die in hem huisde. Hij probeerde Jezus af te schrikken. Jezus had onmiddellijk door met wie hij te maken had. Hij bevrijdde de man van de duivel zonder enige poespas, simpelweg met het gezag van zijn woord.

In dit ene verhaal resumeert de evangelist als in een notendop het levenswerk van Jezus. Zijn woorden en handelingen straalden een gezag uit zonder voorgaande. Wat hij zei werd waargemaakt door wat hij deed en wat hij deed kreeg zijn betekenis door wat hij zei. Zijn hele leven was een strijd tegen de boze machten waardoor mensen bezeten waren en waardoor ze werden gedreven. Hij heeft ze overwonnen. Hij heeft mensen uit hun greep verlost. Hij maakte waar wat hij had aangekondigd: Gods koninkrijk is aan het komen. Waar God komt heersen maakt het kwaad geen kans meer.

De kerk deelt in de macht van de verrezen Christus. Dat staat ook in de catechismus van de katholieke kerk onder het trefwoord 'exorcisme' (§ 1673). "Het exorcisme is bedoeld om duivels uit te drijven of om iemand te bevrijden van demonische overheersing, uit kracht van het geestelijk gezag dat Jezus aan zijn kerk heeft toevertrouwd." Alleen een priester mag dit doen, en alleen met verlof van de bisschop. Het zou oneerbiedig zijn en ook oneerlijk dit af te doen als gewijde poespas waar geen mens nog geloof aan hecht. Meer mensen dan men zou denken, zelfs meer dan pakweg 20 jaar geleden, zoeken een bevoegde priester-exorcist op met de vraag hen uit hun nood te helpen.

Bijgeloof van psychisch gestoorde mensen, zijn we geneigd te zeggen. De exorcist zou ze in elk geval ook naar een psychiater moeten sturen. Maar je moet niet in de duivel geloven om aan den lijve te ondervinden dat er kwade machten in je binnenste wakker kunnen worden waar je niet tegen opgewassen bent. Wie verliest soms niet het gevecht tegen de geldduivel die hem overvalt? En wie voelt niet de klauwen van kwelduivels die hem kunnen overmeesteren: van redeloze angsten, van de een of andere obsessie, van dreigende drankverslaving? Wie van ons heeft nooit ervaren dat hij gedreven werd door een macht die sterker was dan hemzelf en hem tiranniseerde? Niemand van ons ontsnapt aan de macht van kwade geesten en moet er soms de duimen voor leggen. Het overkomt ons allemaal dat we erdoor onteigend worden en onszelf niet meer zijn. Niet voor niets bidden we in elke viering tot God onze Vader dat hij ons zou verlossen van het kwaad.

Het is niet onredelijk dat we deskundige hulp inroepen van dokters, psychiaters en therapeuten of misschien een exorcist voor mensen die niet meer de baas zijn in hun eigen huis, van hun lichaam of hun geest. Maar laten we vooral niet vergeten dat we zelf uit ons geloof een genezende kracht kunnen halen. We kunnen alvast beginnen met mensen te helpen om zicht te krijgen op de demonen die hen in hun greep hebben en van zichzelf vervreemden. En laten we dan eerst kijken waar we zelf door kwade geesten worden onteigend. Het komt er dan verder op aan ons geloof en dat van anderen in de macht van 'goede geesten' te versterken. Sterk genoeg om ons en anderen te ontworstelen aan de kwade machten die ons beduvelen. 'Goede geesten' zijn de krachten die aan het werk zijn waar mensen met hun medemensen omgaan in het spoor van Jezus, onder de stuwing van Gods heilige Geest.

Jezus heeft het gezegd toen hij begon te preken. Het koninkrijk van God komt nabij. Geloof in het goede nieuws en bekeer u (Marcus 1,15). Waar we God laten heersen door zijn wil te doen, worden alle kwade machten gebroken.

J. Andersen

 
  Prekenlijst