Preek van de week Elke week een nieuwe preek
     
  16 augustus - twintigste zondag afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Spreuken 9,1-6
Johannes 6,51-58

Wenst u de preken thuis in uw elektronische postbus te ontvangen?
U kunt intekenen op onze
verzendlijst
.

Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 

Hij is het helemaal!
 
Op een scoutskamp was Lieve een van de kookmoeders voor de allerkleinsten. Haar man Frank was tijdens die weken in de Verenigde Staten voor zijn werk. Op een morgen komt er eindelijk een brief van Frank. Lieve straalt en begint de brief te verslinden met glanzende ogen. Een en al vreugde!Op het einde steekt ze de brief juichend in de hoogte, en roept: 'Dat is hij helemaal, wat een schat!'. Lachend kust ze de brief. Ze leest hem niet voor. Het is hun geheim. Ze vertelt wel over hem. Over wat hij schrijft over zijn belevenissen in Amerika. Ze raakt niet uitgepraat over zijn liefde voor haar.
Ze zal de brief nog enkele keren lezen. 's Nachts bewaart ze hem onder haar kussen.

Kijk hoe de liefde het leven vult met symboliek. Hoe alles verandert onder de ogen van de liefde. Gewoon papier wordt een liefdesbrief. De verre geliefde komt nabij, helemaal aanwezig. Met heel zijn wezen. Hij raakt het hart van zijn vrouw. Hij vervult ook haar hele wezen. Er wordt 'verslonden', gejuicht, gelachen, gekust. De brief wordt bewaard als een kostbaar geschenk. Hij betekent zo veel, hij is symbool van de liefde van deze twee mensen, van hun concrete liefdesgeschiedenis.

Christelijke gehuwden leven door deze symboolactiviteit sacramenteel, ze zijn voor elkaar sacrament: heilig teken.

Ook de eucharistie is een sacrament, ze ligt in de lijn van deze menselijke symboolactiviteit, van deze sacramentaliteit. Maar nu gaat het om Jezus, de verrezen messias. Hij, de onzichtbare Jezus, is 'helemaal' en reëel aanwezig in de eucharistie. Maar ook altijd sacramenteel. Brood en wijn veranderen in zijn lichaam en bloed, althans voor wie met hem verbonden leeft in gelovige liefde. Voor wie niet gelooft, heeft de eucharistie geen betekenis .

Zo komen we los van bepaalde vertekeningen en ridicule opvattingen die wel met hocus-pocus en magie, maar niets met eucharistie te maken hebben. Zo vroeg men zich destijds af wat er gebeurde met het eucharistisch brood indien muizen binnendrongen in het tabernakel in een of andere kapel in het oerwoud. Of wat er gebeurde indien een priester de consecratie woorden zou uitspreken staande voor het raam van een bakkerswinkel. Er was de film Le Défroqué, waarin een uitgetreden priester een pasgewijde een loer wou draaien, en tijdens een receptie een emmer wijn zogenaamd 'consacreerde'. Daarover discussiëren priesters gelukkig niet meer. De eucharistie is een zinvol sacramenteel gebeuren dat teruggaat op het laatste avondmaal van Jezus Christus, en geen abracadabra.

Brood uit de hemel

De evangelist Johannes verkondigt dat de messias is verschenen in Jezus. Men verwachtte dat de messias het nieuwe manna zou brengen. Hij zou het laten neerdalen bij het Paschafeest. Johannes zegt: Jezus is het nieuwe manna. Hij zelf. Gods lieveling en vertrouweling. De belichaming van Gods woord. 'Het woord is vlees geworden.'

Het eerste manna was vergankelijk. Het nieuwe manna geeft eeuwig leven. Want Jezus is de verrezen messias. Wie met hem verbonden leeft, heeft deel aan het eeuwig leven. Jezus is het brood uit de hemel. Hemel is anti-woestijn. Daar waar geen woestenij is, maar volheid van leven. De echte levensbron! Van daaruit komt alles wat we nodig hebben om onze levenswoestijn door te komen. Wij, woestijngangers, hebben Jezus broodnodig.

Brood is iets heiligs, zoals het leven zelf. Vroeger tekenden onze moeders met het mes een zegenend kruis over het nieuwe aan te snijden brood. Brood is gave van God. Gave om te leven. Alleen door brood kunnen we voedzaam leven. Ouders geven hun kinderen dit brood. Ze geven hun leven voor hun kinderen. En kinderen eten het leven van hun ouders. Dat uit zich in samen eten en drinken. In het restaurant wordt gekookt met gas of elektriciteit. In het gezin wordt gekookt met liefde. De spijzen die op tafel komen, zijn daarom offerspijzen. Er zit zoveel opoffering achter. Het samen eten in tafelgemeenschap is niet alleen maagvulling, maar evenzeer vervulling van het hart. Ouders en kinderen voeden zich aan elkaars liefde.

Voor Johannes en de christenen van zijn gemeente is Jezus op onovertroffen wijze het levensbrood. Jezus is het brood, het voedsel dat het echte eeuwige leven van verbondenheid met God voedt. Zonder Jezus kunnen we niet echt leven. Hij zelf kon ook niet leven zonder de spijs van 'de wil van de Vader' (Johannes 4,34). Jezus wil ons opnemen in de eeuwige onverwoestbare intimiteit van zijn eigen leven met de Vader.

Dan zijn wij, mensen, zoveel meer dan anonieme schakeltjes in een biologische reeks getekend door noodlot en dood. De eucharistie maakt ons zichtbaar en tastbaar tot 'kinderen van de Vader'. Want het is de Vader die ons Jezus geeft als levensbrood.

Tafelgemeenschap

Een maaltijd is vanouds teken van eenheid en verbond. Ook het eerste verbond van God met zijn mensen werd met een maaltijd besloten. Mozes en Aäron en zeventig oudsten van Israël stijgen op naar de berg, aanschouwen God, en eten en drinken (Exodus 24,11). God en zijn mensen samen aan tafel.

Nu is er het nieuwe verbond door het bruiloftsmaal met Jezus. De maaltijdverha1en uit de evangeliën wijzen al op dit nieuwe verbond. Alle gangbare conventies worden op hun kop gezet. Jezus 'eet en drinkt' met zondaars en tollenaars. Hij zit aan tafel uit solidariteit met allen die buitengesloten zijn. In Jezus verzoent God zich met zondaars. Het laatste avondmaal was geen galgenmaal, maar een liefdesmaal. En de eucharistische maaltijd is bij uitstek een teken van liefdevolle verzoening.

‘Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt…’ Het klinkt hard en cru. (De Nieuwe Bijbelvertaling vervangt ‘vlees’ door ‘lichaam’, maar dat is een verraad aan de oorspronkelijke tekst.) Ik herinner me nog dat rabiate atheïstische antiklerikalen spottend schreven dat wij, katholieken, kannibalen zijn. We horen het in het evangelie ook de Joden zeggen: 'Dat kan toch niet dat hij ons zijn vlees te eten zal geven!' Het woord 'vlees' ( en ‘lichaam’) zet ons op het verkeerde spoor. Want dan denken we aan vlees van de slager. Maar ‘vlees’ moeten we in de Hebreeuwse zin van het woord verstaan: de hele mens in zijn doen en laten. De hele levensgeschiedenis van een mens. Als er staat: 'Het brood dat ik zal geven is mijn vlees ten dienste van het leven van de wereld' betekent dit: Ik, Jezus, het nieuwe manna, stel mijn gehele menselijke bestaan ten dienste van het leven van de mensheid'. Mijn gehele leven geef ik prijs uit liefde voor de mensheid. Wanneer de priester bij de consecratie het gebroken brood in de hoogte steekt, kunnen we zeggen: 'Hij is het helemaal!', gebroken, gegeven, geofferd voor ons.

De kruisdood verteren

En dan moeten wij hem ook helemaal volgen. Dat was het punt voor de Joden. Ze namen aanstoot aan de kruisdood. Een messias die zichzelf wegschenkt tot in de kruisdood, dat kan toch niet! 'Vlees eten en bloed drinken' verwijst naar de kruisdood als offerdood, als martelaarsdood. Dat juist konden de joden niet verteren. Johannes ziet Jezus als het geslachte paaslam. Vlees en bloed verwijzen ook naar de offerceremonies waarbij het vlees gegeten wordt en het bloed vergoten. Die gruwelijke offerdood is niet te harden.- Dat is inderdaad moeilijk te verteren. Jezus' vlees eten en zijn bloed drinken is bereid zijn in dat nieuwe verbond te treden. Bereid zijn tot participatie. Eucharistie vieren is communio met een geëxcommuniceerde aan het kruis. Deelname aan de eucharistie is een riskante keuze. Denk maar aan bisschop Oscar Romero, die aan het altaar vermoord werd omdat hij, zoals Jezus, zijn leven gaf voor arme verdrukten, tegen de doodseskaders in. Wie aan de eucharistie deelneemt, is bereid zijn leven als brood te breken en te delen, en het te geven tot bloedens toe.

Toon Hermans dichtte het eenvoudig:

U bent geven
alle geven
in uw wijn
en in uw brood

U bent leven
alle leven
zonder U
is alles dood.

Rob Moens o.p.

Een eerdere versie van deze preek is verschen in het tijdschrift Kerugma 1999-2000, p. 107-111.

 
  Prekenlijst