Preek van de week Elke week een nieuwe preek
    
  1 maart - eerste vastenzondag afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Genesis 9,8-15
Marcus 1,12-15

Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 

Herschepping
 

'Nooit meer oorlog' staat er in grote letters in vier talen op elke zijde van de IJzertoren in Diksmuide. Een plechtige intentieverklaring, maar er is nog niet veel van in huis gekomen.
'Nooit meer' beloofde God drie keren na de zondvloed die alle leven op aarde buiten de ark van Noach had verzwolgen. Nooit meer zal ik de aarde en al wat er op leeft en groeit aan vernietiging prijsgeven. Een eeuwigdurend verbond. Dit is het teken van mijn verbond, zei God tegen Noach: ik plaats mijn boog in de wolken. De regenboog, niet meer een oorlogswapen maar een boog van vrede die de hele aarde overkoepelt.

In vroeger tijden hadden de mensen geen natuurlijke verklaring voor het verschijnsel van de regenboog. Ze zagen er iets goddelijks in. In de Noorse mythologie van de Edda is hij de brug waarover de goden naar de aarde afdalen. Voor de Indianen van Centraal-Amerika was hij de weg van de doden naar de eeuwige jachtvelden. In Hindoe-mythen is hij de boog van oorlogsgoden. Alleen in de Bijbel verschijnt de regenboog als verbond tussen hemel en aarde. In een visioen van Ezechiël (1,26-28) en van het Boek der Openbaringen (4,3) verschijnt een lichtende gloed als een regenboog rond de troon van Gods heerlijkheid.

Volgens het Genesisverhaal is God begonnen met zichzelf een belofte te doen. Als ik wil dat het leven op aarde nooit meer gedood wordt, dacht hij bij zichzelf, kan ik niet rekenen op de mensen. Alles wat ze van jongs af uitdenken is nu eenmaal slecht. Ik zal er zelf voor moeten zorgen. En hij beloofde: "Zolang de aarde bestaat, zal er een tijd zijn om te zaaien en een tijd om te oogsten, zal er koude zijn en hitte, zomer en winter, dag en nacht - nooit komt daar een einde aan" (Genesis 8,22).

Vóór hij het verbond met Noach sloot, herhaalde God de zegen die hij bij de schepping had uitgesproken (Genesis 1,28). 'Wees vruchtbaar en wordt talrijk, bevolk de aarde.' Het verbond was een herschepping. Haar voortbestaan zal niet afhangen van het beheren en bewaren van de mensen. God zelf staat voor het voortbestaan in. De regenboog is er het teken en de waarborg van. Het zijn niet de mensen die aan Gods belofte moeten denken als ze hem zien. God zei: "Als ik de boog in de hemel zie verschijnen, zal ik denken aan het eeuwigdurende verbond", niet alleen met de mensen maar met "al wat op aarde leeft" (Genesis 9,16).

Er bestaat een mooie fabel die vertelt hoe de kleuren van de wereld met elkaar een verhitte discussie kregen over wie de belangrijkste was.
Dat ben ik, zei Groen. Het teken van leven en hoop, gekozen voor het gras, de bomen en de bladeren. Blauw pochte: kijk eens naar mij: de kleur van de lucht en de zee. Het is toch het water dat de basis vormt van alle leven. Jawel, zei Geel, maar ik breng de blijdschap, de vrolijkheid en de warmte in de wereld. De zon, de maan en sterren hebben allemaal mijn kleur. Oranje vond zich het belangrijkste omdat ze de kleur is van de gezondheid en de levenskracht. Rood schreeuwde luid: ik ben bloed, leven gevend bloed, de kleur ook van het gevaar en de heldenmoed en van de passie, de liefde en de roes. Paars stond op in zijn hele omvang en sprak met grote luister: ik ben de kleur van de koninklijke kracht, van keizers, regeerders en bisschoppen. Zij kiezen voor mij, want ik ben het teken van de autoriteit en de wijsheid. Indigo sprak het laatst en zachter dan de andere kleuren. Ik ben de kleur van de stilte, zei ze. Zonder mij zou alles oppervlakkig blijven, zonder diepgang. Ik vertegenwoordig de gedachten en de reflectie. Jullie hebben me nodig voor het gebed en de innerlijke vrede.

Opeens was er een lichtende felle flits en rolde de donder. Boven het geluid van de donder klonk de stem van de regen helder en luid. Domme kleuren, houdt toch op met elkaar te bevechten. Weten jullie dan niet dat jullie er zijn voor een speciaal en uniek doel? Geef elkaar de hand en kom naar mij toe. De kleuren maakten een halve kring met elkaar. Toen zei de regen: als het regent en de zon speelt erop in, zal ieder van jullie van nu af aan door de lucht gaan en samen zullen jullie één grote boog van kleuren vormen, als herinnering. Zo kunnen jullie allemaal in vrede leven. Want de regenboog is een teken van vergeving en hoop voor de toekomst.

Zedenles van de fabel: iedere keer als een fikse regenbui de wereld weer gewassen heeft en de regenboog weer verschijnt, moeten we ons herinneren dat we kunnen leren de ander te aanvaarden, te waarderen en respecteren.*

Nu nog kort een verbinding met het evangelie. "Hij werd door de satan op de proef gesteld", schrijft de evangelist over Jezus in de woestijn. En "hij leefde er te midden van de wilde dieren, en engelen zorgden voor hem". Korter kan het niet. De evangelist prikkelt de verbeelding van zijn lezers.

Stonden de wilde dieren aan de kant van de satan, om de beproeving kracht bij te zetten? We kunnen ons ook inbeelden dat de woestijn waarin Jezus verbleef de herschapen wereld was waarin de mensen in harmonie met de dieren leven en door engelen worden gediend. En welke proef moest Jezus doorstaan? We kunnen ons inbeelden dat de satan zei: vergeet de idealen van je jeugd, vergeet je roeping. Je zult eraan ten onder gaan. De mensen luisteren niet of verstaan je opzettelijk verkeerd. Zorg dat het je zelf goed gaat, dat is het enige wat telt. Misschien heeft die verleiding Jezus' hele leven geduurd. Maar hij heeft er nooit aan toegegeven. Door de trouw aan zijn Vader heeft hij de wereld uit het kwaad gered. De soldaat die Jezus zag sterven, heeft het gezien: "Werkelijk, deze mens was Gods Zoon" (Marcus 15,39).

'Je bent een engel', zeggen we tegen iemand die ons geholpen heeft en van dienst is geweest. Een engel is een boodschapper van God. Hij of zij laat ons door zijn of haar dienst vanwege God weten dat hij met ons begaan is. Veertig dagen lang gaan we de woestijn van de vasten in, op weg naar Pasen. Toen Jezus uit de woestijn kwam zei hij: "De tijd is aangebroken, het koninkrijk van God is nabij." We moeten ons wel bekeren om in dit goede nieuws te kunnen geloven en het wat ons betreft waar te kunnen maken. Het nieuws van een herschapen wereld als God komt heersen.

* De letterlijke en volledige tekst staat op het internet:
http://www.solitilde.com/de%20regenboog.htm

J. Andersen

 
  Prekenlijst