Preek van de week Elke week een nieuwe preek
  24 februari - derde vastenzondag Preek in M-S Word-formaatRechtstreeks afdrukken
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

Lezingen:

Kolossenzen 3,12-21
MatteŁs 5,1-12

Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 

Een vrouwelijke apostel
 

De apostelen die Jezus rond zich heeft verzameld waren allemaal mannen. Kerkelijke gezagdagers leggen daar gaarne de nadruk op. Maar misschien hechten ze te weinig belang aan de belangrijke rol die vrouwen in het zendingswerk van Jezus hebben gespeeld. In de evangelies ligt daarop een aparte nadruk. Het meest bekende voorbeeld is Maria Magdalena, die in de traditie de 'apostel der apostelen' wordt genoemd. Een ander voorbeeld is de Samaritaanse vrouw zonder naam in het evangelie dat vandaag wordt gelezen.

Hoe kan Jezus een Samaritaanse vrouw te drinken vragen? Een rechtgeaarde Jood doet zoiets niet. 'Joden gaan niet met Samaritanen om.' De vrouw liet hem dat ook verstaan. Zijn antwoord verraste haar. Eigenlijk moest u mij om water vragen. Wie drinkt van het water dat ik geef, zal nooit meer dorst krijgen. Natuurlijk vroeg de vrouw om dat water, want dan hoefde ze niet meer met haar kruik komen sjouwen en uit de bron te putten. Ze had niet begrepen wat Jezus gezegd had over wat God wil geven. Jezus zette haar op het goede spoor. Hun gesprek nam een theologische wending nadat ze zei dat ze geen man had. Jezus: u hebt er al vijf gehad en inderdaad, de zesde is uw man niet.

Kijk, denken oppervlakkige (domme) lezers en ook veel bijbeluitleggers. Jezus doorzag de vrouw. Natuurlijk had ze geen man, het was een slet, een hoer. Maar wie met de nodige aandacht verder leest, moet zijn mening herzien. De oude wijze Augustinus heeft goed gelezen. Hij schrijft in een commentaar op het evangelie: "Onze Heer wil ons geen voyeurs maken in het leven van de ander, hij wil ons alleen maar iets leren over ons eigen bestaan en onze eigen domheid en troosteloosheid opheffen." Voor een alerte voldoende bijbelvaste lezer moet het duidelijk worden dat de evangelist hier beeldspraak gebruikt. De vijf mannen zijn de valse goden waar de Samaritanen achteraan zijn gelopen (zie 2 Koningen 17,29-33). Over het hoofd van Jezus heen spreekt Johannes ook zijn lezers aan, en dat zijn wij nu ook. Wellicht gaan ook wij het teveel bij verkeerde goden zoeken. De god van het geld bijvoorbeeld, de god van het vermaak, van de gemakkelijke genietingen. En de vraag is of onze feitelijke godsdienst dienst aan de ware God is.

Nu had de vrouw Jezus direct goed begrepen. Ze daagde hem uit. Vereren wij dan niet de ware God? Moeten we onszelf verloochenen door onze aloude gebedsplaats op te geven, omdat volgens jullie de enige juiste gebedsplaats Jeruzalem is? Weer een verrassing: welke gebedsplaats ook, een heilige berg of een tempel, antwoordde Jezus, het doet er niet toe, uiteindelijk heeft het geen belang. U weet toch dat God geest is, en ooit zullen we hem aanbidden in geest en waarheid, waar dan ook.

Gaandeweg begon de vrouw beter te begrijpen wie Jezus werkelijk was. Ze erkende in hem een profeet. En ze vroeg zich af of hij misschien niet de messias was die Samaritanen zowel als Joden verwachtten. Nu krijgt het verhaal zijn beslissende omslag. Nog eerder dan aan zijn apostelen openbaarde Jezus aan de vrouw zijn ware identiteit. 'De messias, dat ben ik die hier met u spreekt.' De vrouw liet haar waterkruik achter. Ze had die niet meer nodig. Ze was nu zelf een bron van het leven gevende water geworden. Ze liep snel naar de stad om het aan de mensen te gaan vertellen. Ze moet overtuigend gesproken hebben, want veel Samaritanen kwamen naar hem toe en ze geloofden in hem. 'Werkelijk de redder van de wereld!'

De vrouw was niet als apostel geroepen. Maar uitgerekend zij, een Samaritaanse, heeft zich ontpopt als de eerste apostel. En met goed gevolg

Vervalsen we het evangelie als we vandaag krediet durven geven aan vrouwen zoals de Samaritaanse vrouw? Er zijn onder ons vrouwen die zich zoals zij door het evangelie laten verrassen en overtuigen, in die mate dat ze er bij anderen van willen getuigen. Die anderen kunnen ook 'Samaritanen' zijn: mensen met wie weldenkend geachte gelovigen liever niets te maken hebben, maar die zich bereid verklaren om God in geest en waarheid te aanbidden.

God is geest, niet te vatten in door mensen gemaakte definities en aan geen enkele plaats gebonden. Hij laat zich overal vinden waar mensen hem 'in geest en waarheid' vereren. Geen berg of tempel, geen kerk, geen volk of religieuze groepering heeft het monopolie van zijn aanwezigheid. Kerken en tempels kunnen we niet missen, maar ze hebben slechts een relatief belang.

Toen het de Samaritaanse vrouw duidelijk werd wie het was die tot haar sprak, liet ze haar waterkruik bij de oude bron achter. Dat doet de vraag rijzen welke kruiken christenen vandaag achter zich moeten laten om helemaal volgens de geest van het evangelie te leven. Er komt een tijd, zei Jezus, dat de ware aanbidders God zullen aanbidden in geest en waarheid. Die tijd begon al te komen toen hij dit zei. Maar is hij vandaag voor ons al helemaal gekomen? Er staan nog muren tussen veel tempels en kerken die moeten gesloopt worden opdat er in geest en waarheid kan gebeden worden door de ware aanbidders waar God, hun gemeenschappelijke vader, naar uitkijkt.

J. Andersen

Er is dankbaar gebruik gemaakt van een preek van J.H. van Ogtrop, In het leerhuis van MatteŁs, 2002..  

 
  Prekenlijst