| Preek van de week |
| 24 augustus - eenentwintigste zondag |
|
|
Lezingen:
Jesaja
22,19-23
U kunt
reageren |
||||||||
|
Een rots om op te bouwen 'Een rots in de branding' zegt men van iemand op wie je
altijd en voor alles kunt betrouwen, op wie je kunt rekenen als een rots
waar je veilig kunt op bouwen. Zulke mensen hebben we nodig om een
gemeenschap in weer en wind overeind te houden. Schriftkenners noemen het weinig waarschijnlijk dat de
taakomschrijving van Petrus als rots van Jezus zelf komt. Ze nemen aan dat
Matteüs ze heeft opgeschreven als een weergave van een zeer vroege
traditie die op deze manier het ambt en het gezag van Petrus in de
christelijke gemeente heeft gerechtvaardigd.
Voor de uitoefening van zijn ambt heeft Petrus de
sleutelmacht gekregen en de macht om 'te binden en te ontbinden'. Daarin
ligt de essentie van zijn opdracht in dienst van de gemeenschap: openen en
sluiten, binden en ontbinden. De drager van het Petrusambt moet er op
toezien dat de toegang tot de gemeenschap van hen die het koninkrijk van
God aanwezig stellen voor iedereen open is, door ervoor te zorgen dat het
authentieke woord van God in verstaanbare taal kan gehoord worden door
allen die willen luisteren. Hij moet de waarborg zijn van de trouw aan het
geloof in Jezus de Christus, Zoon van de levende God. De levende
God, die meegaat met het de bewegingen van het leven, niet een God die in
onveranderlijke formules is ingeblikt. Hij moet de toegang afsluiten voor
alles en iedereen waardoor dit geloof wordt vervalst en verraden. Het staat in grote letters boven in de koepel van de
Sint-Pietersbasiliek in Rome: 'Gij zijt Petrus en op deze rots zal ik mijn
kerk bouwen'. Op deze tekst hebben de bouwheren van de basiliek zich
beroepen, om ze te bouwen op het fundament waarvan ze meenden dat Petrus
daar begraven lag. Het is natuurlijk niet die kerk die Matteüs op het oog
had. De kerk die hij op het oog had was ook geen organisatie, maar in de
eerste plaats een beweging, de beweging van mensen die zich door Jezus en
zijn evangelie laten inspireren en volgens dit evangelie willen leven.
De geschiedenis van de kerk is zo verlopen dat de
bisschop van Rome de status van drager van het hoogste gezag in de
wereldwijde kerk heeft gekregen. De 'opvolger' van Petrus en de drager van
zijn ambt is nu de paus. Maar hij kan niet alleen en op z'n eentje voor de
kerk de rots in de branding zijn. Het is de roeping van iedereen die tot
de kerk wil behoren.*
Je moet dikwijls als een rots in de branding staande
proberen te blijven. Onze rots wordt vandaag aangevreten, op veel manieren
door erosie aangetast. Maar wellicht zijn er toch ook mensen die, als ze
mensen zoals wij ontmoeten die zich gelovig profileren, die uitkomen voor
hun geloof, in zulke mensen een rots herkennen en ook verwachten dat ze
rots zijn.
Ze verwachten dat we voor hen, in hun plaats bidden als
ze zelf de taal niet meer vinden om te bidden. Ze verwachten dat we het
geloof ook voorleven. Ze verwachten niet dat we alle antwoorden kennen dat
we perfecte gelovigen zijn. We mogen die roeping niet uit de weg gaan
omdat we denken dat we maar kleingelovigen zijn. Was het niet met zulke
kleingelovigen (denk aan Petrus: zie Matteüs 14,31) dat Jezus zijn kerk
heeft willen bouwen?
Laten we ernst maken met die roeping. Dan mogen we ook
blijven rekenen op de belofte dat de gemeenschap van de gelovigen door de
kwade machten van de onderwereld zal kunnen trotseren.
* De twee volgende alinea's zijn geïnspireerd door een
preek van Miguel Dehondt:
http://preken.be B.J. De Clercq o.p. |
| |